Project
MONS Displacement visserij
Als gevolg van het Noordzeeakkoord, de energietransitie, Brexit en het EU-beleid voor natuurbescherming wordt een aanzienlijk deel van de Noordzee ontoegankelijk voor de visserij. Dit project onderzoekt wat de invloed van deze maatregelen is op het gedrag van vissers en daarmee de ecologische effecten van de visserij en de sociaaleconomische resultaten. Naast gebiedssluitingen spelen ook andere beleidswijzigingen zoals de aanlandplicht en het pulsverbod een rol. Dit alles beïnvloedt de keuze van vissers voor visgronden en tuigen.
Hoofdvraag en deelvragen
Wat zijn de effecten van gebiedssluiting voor de visserij op gedrag van vissers, hun bedrijfsvoering, visbestanden en natuur? Daarbij wordt gekeken naar het geheel, dus zowel binnen als buiten de gesloten gebieden, en zowel naar directe als naar indirecte effecten.
Om deze hoofdvraag te kunnen beantwoorden zijn de volgende deelvragen geformuleerd:
- Welke factoren en mechanismen bepalen de gebiedskeuze van vissers, zowel initieel als tijdens de reis?
- Waar gaan de door gebiedssluiting ‘verdreven’ vissers (displacement) in de toekomst vissen?
- Wat zijn de gevolgen van de toegenomen visserijdruk op korte termijn op de overblijvende visgronden en hoe passen andere vissers hun verspreiding en gedrag daarop aan?
- Leiden de gebiedssluitingen door bovenstaande mechanismen tot een toenemende visserijdruk op de overblijvende visgronden en wat is de omvang daarvan? Hierbij dient rekening gehouden te worden met de saneringsregeling.
- Wat is het effect van externe factoren (zoals beleid en omvang van de vloot) op het displacement gedrag en kunnen ongewenste effecten van displacement worden voorkomen door slimme keuzes in ruimtelijke beheersmaatregelen?
- Hoe kunnen eventuele ongewenste effecten van displacement worden gemitigeerd door slimme vormgeving van maatregelen
Werkpakketten
Monitoring van vissersgedrag en dataverzameling
Om een beter beeld te krijgen van het gedrag van vissers zullen voor alle belangrijke groepen in de kottervisserij gegevens over de vangsten en inspanning per dag en trek worden verzameld. Deze gegevens worden opgevraagd bij vissers (bijvoorbeeld vanuit hun eigen e-logboek). Waar mogelijk zal deze informatie ook uit bestaande historische gegevenssets van eerdere projecten worden gebruikt (zoals voor de garnalenvisserij vanuit het zelfsamplingprogramma). Door combinatie van deze gegevens met de data uit logboeken, VMS-gegevens, technische gegevens en economische gegevens zal een database worden opgebouwd met informatie over kosten, opbrengsten, inspanningen en vangsten per trek. Op deze dataset zullen de gedetailleerde analyses over het visserijgedrag in dit project worden gebaseerd.
Begrijpen van ruimtelijk vissersgedrag
Een literatuurstudie en interviews met vissers en experts brengen ruimtelijk gedrag en drijfveren in kaart. Observaties tijdens visreizen zullen het kwalitatieve onderzoek verder aanvullen. Dit zal resulteren in een paper over de basis van het kwalitatieve model over de besluitvorming van vissers met betrekking tot waar en hoe ze hun visserijactiviteiten gaan uitvoeren. De inzichten worden vertaald in een kwalitatief beslismodel en gecombineerd met kwantitatieve analysemethoden, waaronder machine learning.
Vertaling van kennis in een ruimtelijk visserijgedragsmodel
Om de effecten van de ruimtelijke sluitingen op de Nederlandse kottervisserij te bepalen zal een ruimtelijk individueel visserijgedragsmodel ontwikkeld worden, waarin de effecten van de sluitingen kunnen worden gesimuleerd. Dit model wordt ontwikkeld voor de kottervisserij (inclusief garnalen). Het model zal rekening houden met de vlootsamenstelling.
Analyse van de effecten van de sluitingen van gebieden tot 2030 op de Noordzee.
Met het model zullen de effecten van de sluitingen van visgebieden op de verspreiding van de visserij worden doorgerekend.
Analyse van het ruimtelijke beleidskader en internationale ervaringen om effecten te mitigeren
De resultaten van het model laten mogelijke negatieve sociale en/of economische effecten zien van ruimtelijke beperkingen van de visserij (minder vangstmogelijkheden), maar ook voor de ecologie (bijvoorbeeld als vissers naar gebieden gaan die eerder minder bevist waren). Deze resultaten staan niet op zich, de visserij wordt ook door andere beleidsontwikkelingen (en marktontwikkelingen) beïnvloed in haar keuzemogelijkheden. Deze activiteit zal een analyse maken van het ruimtelijk beleidskader in samenhang met het bredere beleidskader dat invloed heeft op visserijgedrag, om te zien welke mitigatiemogelijkheden er in theorie zijn.
Financiers
Dit onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van het programma Monitoring, Onderzoek, Natuurversterking en Soortenbescherming (MONS) dat Rijkswaterstaat uitvoert namens het Noordzeeoverleg (NZO). Het onderzoek is gefinancierd door de Europese Unie.